De Twee Provinciën route voert door een oer-Hollands landschap in de Lopikerwaard (provincie Utrecht) en de Alblasserwaard-Vijfheerenlanden (vroeger Zuid-Holland, sinds 2019 Utrecht).
Minder bekend is dat de Franse legers in het Rampjaar 1672 een spoor van verwoesting achterlieten aan beide rivieroevers. Aan de Zouwedijk werd hard gevochten en Ameide werd in brand gestoken. Ook ten noorden van de Lek hielden de Fransen huis: zo werd het kasteel van Jaarsveld verwoest. Daaraan herinnert nog de ruïne van het kasteel, gelegen naast het nieuw opgebouwde Huis te Jaarsveld.
De Zouweboezem is ontstaan in de 14e eeuw. Door inklinking en bodemdaling werd het toen noodzakelijk om molens te bouwen, teneinde het water uit de polders van de Vijfheerenlanden te weg te malen. Het overtollige water werd tijdelijk opgeslagen in de Zouweboezem, met dertien poldermolens; daarvan stonden er vijf buitendijks en acht binnendijks. Een molencomplex dat in die tijd vergelijkbaar was met het huidige Werelderfgoed Kinderdijk.
In 1672 kreeg de Zouweboezem een omgekeerde functie: hij werd gebruikt om de Vijfheerenlanden onder water te zetten. Daarvoor werden zelfs gaten in de dijken gestoken. De Zouweboezem vormde voor de Fransen dan ook een militair doelwit.
De enige manier voor de Fransen om met droge voeten Holland binnen te vallen was via de rivierdijken die boven het inundatiewater uitstaken. De Lekdijk vormde zo’n toegangsweg of acces. Ter verdediging werd door de Staatse troepen even voor Sluis een schans opgeworpen.
In november 1672 trokken zo’n 1.200 Franse soldaten de Lekdijk over richting Ameide en Schoonhoven. In de nacht van zondag 27 november – het was 4 uur en dus nog donker – overvielen de Fransen de post bij Sluis. De ruim 300 verdedigers raakten in paniek en zochten een goed heenkomen.
De Fransen trokken vervolgens op naar Ameide, dat werd geplunderd en voor een deel afgebrand. De Franse militairen staken ook de vijf buitendijkse molens van Sluis in brand. Een molen brandde tot de grond toe af, de overige vier werden zwaar beschadigd en zeven jaar later geheel gesloopt.
De terugtocht verliep voor de Fransen minder voorspoedig. Twee uitleggers van het Staatse leger openden vanaf de Lek het vuur met hun geschut en bestookten de Fransen: niet met ijzeren kogels maar met schroot, waardoor nogal wat Franse soldaten sneuvelden…
Van een verdere aanval op Holland kon geen sprake meer zijn.

Ook Jaarsveld speelde een rol in het Rampjaar. Eind 14e eeuw werd hier kasteel Veldenstein gebouwd. In de oorlogen, zoals die tussen de Hoekse en Kabeljauwse edellieden en die van de graven van Holland met de bisschop van Utrecht, werd het vaak belegerd en diverse keren verwoest, maar daarna weer herbouwd en soms verder uitgebreid.
In het Rampjaar 1672 werd het kasteel eerst alleen geplunderd, maar nog niet verwoest. Toen de Fransen enige tijd later hoorden dat het Staatse leger zijn intrek in het kasteel had genomen, kwamen ze terug, plunderden het opnieuw en staken het vervolgens in brand. Kasteel Veldenstein zou nooit meer herbouwd worden. De ruïne bleef nog vele jaren in stand en het restant van de grote toren deed nog lang dienst als gevangenis. Rond 1760 werd er een prachtig landhuis naast gebouwd: Huis te Jaarsveld.

1.Vertrekpunt is de ruïne van een oude boerderij aan de Lekdijk in Sluis. Vandaar heeft men een prachtig uitzicht op de Zouweboezem; de 14e-eeuwse uitwatering is overigens nauwelijks meer te herkennen.
8.TOP Salmsteke: van hier kan men prachtige wandelingen maken door de Lopikerwaard. Via de uiterwaarden is het een korte wandeling naar Jaarsveld, een schilderachtig dorpje met 300 inwoners.
Deel deze route:
Categorieën