Groenlo2021-05-02T13:41:59+00:00

Vestingstad Groenlo

Groenlo is ontstaan in het begin van de zevende eeuw, zo rond 610, toen de Saksen zich in de Achterhoek vestigden. De naam Groenlo refereert waarschijnlijk aan een groen loo, groen bos, dat in de buurt lag op hoger gelegen grond. (Germaans: Grõni- "groen" + lauha- "bosje op hoge zandgrond"). Dit is ook een verklaring voor het oude wapen van Groenlo: een groene boom. In de loop der tijden treft men verschillende namen aan in boeken en op kaarten, zoals "Groenlo", "Groenloo", "Groonlo", "Gronlo", "Grol". De naam Groenlo is gebleven, terwijl in de volksmond "Grol", vereeuwigd door Vondel in zijn gedicht over de verovering van Grol, is blijven voortleven.

Groenlo is gesticht aan de hoge kant van het riviertje de Groenlose Slinge. Aan deze kant van de rivier lagen diverse essen. Een aantal van deze namen komen nog terug in het hedendaagse Groenlo, zoals de Oosteresch en de Hartrijze. De noordzijde van de Groenlose Slinge was een lager gelegen gebied. Voor de rest lag rondom Groenlo een aantal moerassen waarvan de meeste in de loop der eeuwen zijn ontgonnen.

De Saksen lieten zich niet makkelijk bekeren, zodat het tot de 9e eeuw geduurd heeft voor het Christendom zich hier kon vestigen. Waarschijnlijk zijn Ludgerus en metgezellen uit Münster verantwoordelijk voor de kerstening. Zo rond 809 ontstaat het kerspel Groenlo, met de eerste eenvoudige parochiekerk gewijd aan de heilige Calixtus. Vanuit de tot het Bisdom Münster behorende moederkerk in Groenlo werden later andere kerken gesticht in naburige plaatsen zoals Eibergen, Borculo en Lichtenvoorde. Staatkundig behoorde Groenlo tot het graafschap Lohn. Toen de Heerlijkheid Borculo zich afscheidde van Lohn, ging Groenlo naar de Heren van Borculo.

Stadsflyer Groenlo